Archiefwebsite  |  De Gerechtelijke Politie is in 2001 opgegaan in de Federale Politie. De informatie op deze website is van historische aard en niet meer actueel.
8 januari 2024 • Geschiedenis

Oprichting van de Gerechtelijke Politie in 1919: een noodzaak na de Eerste Wereldoorlog

De wet van 7 april 1919 schiep een nieuw politiekorps voor Belgie. Welke omstandigheden maakten die oprichting noodzakelijk en hoe zag het korps er in de beginjaren uit?

Home Nieuws Oprichting GPP in 1919

De Gerechtelijke Politie bij de Parketten werd opgericht bij wet van 7 april 1919, kort na het einde van de Eerste Wereldoorlog. De directe aanleiding was de onveiligheid die na de oorlog heerste in grote delen van Belgie. Rondtrekkende, gewelddadige dievenbendes maakten bepaalde streken onveilig en zorgden voor een ware angstgolf bij de bevolking. Dit naoorlogse machtsvacuum maakte de oprichting van een gespecialiseerd politiekorps dat over de gemeentegrenzen heen kon opereren noodzakelijk.

De bestaande politiediensten in 1919 waren niet uitgerust om adequaat op te treden tegen de nieuwe criminaliteitsvormen die de naoorlogse periode kenmerkte. De gemeentepolitie, die in de meeste Belgische steden en gemeenten de politiezorg verzekerde, had een beperkte bevoegdheid die ophield aan de gemeentegrenzen. Georganiseerde bendes die van de ene gemeente naar de andere trokken, konden daardoor rekenen op structurele hiaten in het politieoptreden. De Rijkswacht kon dan weer wel over gemeentegrenzen opereren, maar was niet gespecialiseerd in het gerechtelijk speurwerk dat nodig was om complexe misdrijven te onderzoeken en daders voor de rechter te brengen.

De wet van 7 april 1919

De wet op de Gerechtelijke Politie bij de Parketten schiep een korps met een duidelijk omschreven en exclusief gerechtelijke opdracht. In tegenstelling tot de andere politiediensten had de GPP geen preventieve of administratieve politietaken. Het korps trad pas in actie nadat een misdaad of wanbedrijf was gepleegd, en deed dat uitsluitend in opdracht en onder toezicht van de parketten en de onderzoeksrechters.

Die exclusieve gerechtelijke bevoegdheid had gevolgen voor de organisatiecultuur van het korps. Speurders van de Gerechtelijke Politie identificeerden zich sterk met hun rol als onderzoekers en verhoorders, als technici van het misdaadonderzoek in de breedste zin. De nadruk lag op het verzamelen van bewijzen, het verhoren van getuigen en verdachten, en het opbouwen van een dossier dat voor de rechter stand kon houden.

De eerste jaren: opbouw van een korps

In 1919 en de jaren die volgden, werd het nieuwe korps geleidelijk opgebouwd. De rekrutering was een uitdaging: het korps had nood aan mensen met juridische kennis, technische vaardigheden en onderzoekservaring, maar dergelijke profielen waren niet talrijk beschikbaar in het naoorlogse Belgie. Velen van de eerste agenten en officieren kwamen uit de gelederen van de gemeentepolitie of hadden ervaring opgedaan in militaire inlichtingendiensten tijdens de oorlog.

Al vroeg in de geschiedenis van het korps werd een opleidingsstructuur opgezet. De School voor Criminologie en Criminalistiek, opgericht bij koninklijk besluit van 15 oktober 1920, verwelkomde niet alleen studenten uit de rangen van de Gerechtelijke Politie maar ook magistraten en andere juridische beroepsbeoefenaars. Die brede aanpak weerspiegelde de visie dat goed gerechtelijk speurwerk een gedeelde verantwoordelijkheid was van politie en magistratuur.

Een korps dat zijn niche vond

In de loop van de jaren 1920 en 1930 ontwikkelde de Gerechtelijke Politie een reputatie als het meest gespecialiseerde en professionele onderdeel van het Belgische politielandschap op het vlak van gerechtelijk onderzoek. Spraakmakende zaken, zoals kunstdiefstallen en grote fraudeoperaties, kwamen vrijwel automatisch op de tafel van de GPP terecht.

De historische archieven die de Gerechtelijke Politie naliet, bieden een fascinerende inkijk in de Belgische maatschappij van de twintigste eeuw. Het Rijksarchief in Belgie bewaart de dossiers van verschillende brigades, met documentatie over onderzoeken, personeelsdossiers en interne organisatiestukken die samen een uniek historisch mozaiek vormen. Onderzoekers die meer willen weten over de vroege geschiedenis van het korps, kunnen ook terecht op de informatiepagina van deze archiefwebsite.